Van coronapatiënt naar ervaringsdeler

Andy Cobben (61) is voorzitter van het college van bestuur van een onderwijsstichting. Hij begint nu zijn werkzaamheden langzaamaan weer op te pakken nadat hij in april 2020 met een corona-infectie op de ic van het MUMC kwam te liggen. Ondanks een moeilijke periode is hij optimistisch en wil hij zijn ervaringen graag delen. Daarom zet hij zich in als ervaringsdeler bij MAP.

U heeft een corona-infectie doorgemaakt. Hoe was dat?
“Eerst was ik nauwelijks ziek. Ik had een voorhoofdsholteontsteking, was wat grieperig. Tot paaszaterdag 11:00 uur: ik kreeg geen lucht. Met de ambulance ben ik naar het MUMC gebracht. Daar belandde ik op de ic. Mijn saturatie was maar 60%, terwijl 90% al zorgwekkend is. Ik heb 2 weken in coma gelegen. Van de 4 weken daaropvolgend op de IC, kan ik me nauwelijks iets herinneren. Ook het facetimen met familie kan ik mij niet herinneren. Pas de laatste weken heb ik bewust meegekregen. In totaal lag ik 65 dagen op de ic.”

En toen? Mocht u vanuit het ziekenhuis naar huis?
“Nee, ik ben nog 3,5 maand opgenomen bij Adelante voor revalidatie. Ik kon niets meer. Na 2 weken bij Adelante kon ik amper op de rand van het bed zitten. Ik gleed er zo weer af. Tot eind juli heb ik sondevoeding gehad. Toch ben ik 20 kilo afgevallen. Door al die fysieke beperkingen voelde ik mij geen 61, maar 90 jaar. Aansluitend moet ik nog 6 maanden poliklinisch revalideren.”

Wat een heftige ervaring. Hoe blijft u dan toch positief?
“Er zit nog altijd vooruitgang in. Dat houd je op de been. Bovendien ben ik blij dat ik er nog ben! Ik mag niet klagen, veel mensen hebben het niet gehaald. Bij Adelante kwam ik trouwens mijn ‘buurman van de ic’ weer tegen. Weken lagen we naast elkaar, maar nu konden we elkaar voor het eerst zien. Zo’n ervaring schept een band. Ik heb zijn nummer en we bellen nog af en toe.”

Wat bijzonder! Heeft u nu nog last van de corona-infectie?
“Mentaal ben ik de oude en mijn geur en smaak zijn terug. Ik ontvang wel nog fysiotherapie en dat zal nog wel even duren. Daarnaast ben ik heel erg moe. Ik moet ’s middags even slapen om de dag door te komen. Ik was de eerste lichting coronapatiënten in Adelante en daar zeiden ze ook: iedereen is anders en heeft andere symptomen, maar de gemeenschappelijke deler is vermoeidheid.”

Hoe kwam u in aanraking met MAP?
“In Adelante had ik verschillende revalidatieartsen. Zo ook Wip Bakx. Daar had ik een hele leuke klik mee. Hij gaf mij een briefkaartje van MAP en vertelde over het online congres dat werd georganiseerd. Dat congres kon ik vanwege therapie helaas niet bijwonen, maar mijn interesse was wel gewekt. Mijn dochter Veerle (student Gezondheidswetenschappen) heeft ook deelgenomen aan de MAP module. Toen dacht ik: ‘Waarom niet?’”

Wat wilt u studenten vooral meegeven?
“Ik heb nu één keer meegedaan als ervaringsdeler met studenten van Vista. En het is goed bevallen dus ik ga vaker meedoen! Kijk; technische goede zorg is één ding, het is bijvoorbeeld fijn als een zorgverlener kundig en goed een infuus kan prikken, maar ik was mezelf kwijt geraakt. Zoals Wip Bakx zei: ‘Het is een life changing event.’ Ineens ben je afhankelijk, dat is verschrikkelijk. Je hebt ook vertrouwen en houvast nodig om langzaamaan weer mens te worden. Kleine gebaren van de zorgmedewerkers hielpen daarbij: een praatje maken, even het mondkapje afdoen in de sluis voor mijn kamer zodat ik kon zien wie mij verzorgde. Toen ik in het ziekenhuis lag belden ze iedere avond om 20:00 uur naar huis om een update over mij te geven. Sommigen zeiden alleen ‘hij is stabiel’, andere zorgmedewerkers, zoals een 5e jaars geneeskunde student namen de tijd om uitgebreider verslag te doen aan het thuisfront. Ik heb ontzettend veel bewondering voor de medewerkers van het MUMC en Adelante: alle lof! Iedereen deed zijn best en probeerde tijd te maken. Kortom: Kleine gebaren doen er toe! En zorgprofessional: Je mag jezelf zijn!

vorige